Spelen met een valse nummer 9

Door als ploeg met een valse nummer 9 in de spits te spelen, kun je een overtal in de opbouw creëren. Maar tegelijkertijd mis je een speler in de punt van de aanval. Hoe kun je dan goals scoren? Toch zijn er genoeg ploegen die kiezen voor een valse 9 in de spits. Waarom kiezen deze ploegen voor dit concept?

In dit artikel zoomen wij in op de speelwijze met een ‘valse 9’ in de spits. We leggen uit hoe dit werkt en wat de voor- en nadelen zijn. Verder kijken wij naar de specifieke kwaliteiten die er aan een ‘valse 9’ worden gesteld. Wil jij als trainer hier meer over lezen of wil jij jezelf als spits verbeteren en leren als een valse spits te spelen? Lees dan snel verder!

Wat is een valse nummer 9?

Voordat we de naar de speelwijze kijken, is het goed om eerst de definitie van een valse nummer 9 vast te stellen:

“Een valse nummer 9 is een centrumspits, die binnen een 1-4-3-3 opstelling, zich regelmatig vanuit de spits laat uitzakken met als doel zichzelf in te schakelen in de opbouw van achteruit. Doordat deze spits tijdens balbezit van zijn ploeg dus vaak op andere posities dan die van spits uitkomt, wordt deze wel een valse nummer 9 genoemd.”

We kunnen dit laten zien in onderstaande afbeelding:

Concept valse 9 in de spits

 

Waarom met een valse 9 spelen?

In de afbeelding hierboven is te zien dat tijdens balbezit van zijn ploeg de spits zich laat uitzakken naar het middenveld. In plaats van 3 spelers zijn er nu 4 spelers op het middenveld. Als een tegenstander ook met 3 middenvelders speelt, ontstaat er op deze manier een +1 voordeel voor de ploeg die met een ‘valse 9’ speelt. Door goed positiespel te spelen, kan deze overtalsituatie op het middenveld worden uitgespeeld zodat er kansen kunnen worden gecreëerd.

Heb je als ploeg moeite om kansen te creëren en wil je meer grip krijgen op het middenveld? Dan kan het spelen met een valse nummer 9 in de spits een oplossing zijn.

 

Voor- en nadelen

Zoals bij iedere speelwijze en tactisch concept, kleven er zowel voor- als nadelen aan het spelen met een ‘valse 9’:

Voordelen

  1. In balbezit extra speler/aanspeelpunt op het middenveld;
  2. Centrale verdediger(s) tegenpartij moet(en) keuze maken: doordekken of blijven staan;
  3. Geen mutaties in bezetting achterste linie;
  4. Restverdediging blijft intact.

Punt 1 is de belangrijkste reden om te kiezen voor een valse 9 in de spits. Door de extra speler op het middenveld moet je daar meer grip op het spel kunnen krijgen, het liefst doordat je in overtal komt te staan.

Punt 2 is misschien net wel zo belangrijk. Door als spits uit te zakken, creëer je verwarring bij de tegenpartij. “Wat gaat die spits nou doen?” De tegenpartij zal een keuze moeten maken. Gaan ze doordekken vanuit het centrum of blijven ze in positie?

Welke keuze ze ook maken. Het geeft jouw ploeg mogelijkheden om van de keuzes van de tegenstander gebruik te maken. Oftewel, in het geval van doordekken, ontstaat er ruimte centraal in de verdediging bij de tegenstander. Of, als er niet wordt doorgedekt, dan krijg je een vrije speler op het middenveld erbij.

Punten 3 en 4 zijn misschien vrij voor de hand liggend. Maar het is goed om te realiseren dat het spelen met een ‘valse 9’, de verdediging niet verzwakt. De defensieve organisatie blijft ongewijzigd. Dat is een groot pluspunt. Ook de restverdediging blijft met een ‘valse 9’ overeind.

Nadelen

  1. Onderbezetting aanvallende posities;
  2. Positie in de punt van de aanval is onbezet;
  3. Loopacties van een valse 9 zijn vaak voorspelbaar;
  4. Specifieke spelerskwaliteiten.

Punten 1 en 2 zijn aan elkaar gerelateerd. Het komt er simpelweg op neer dat er een onderbezetting in de voorste linie ontstaat. Je hebt daar 1 aanspeelpunt minder en de positie dichtst bij de goal van de tegenpartij is leeg. Aan beide punten valt echter te sleutelen, zoals we verderop in dit artikel zullen zien.

Punt 3 is een onderschat nadeel. Bijvoorbeeld, het verticaal laten uitzakken van de spits voor een kaats is een spelpatroon dat vrij voorspelbaar is. Daar zul je als trainer en ploeg iets aan moeten doen. Wat je daaraan kunt doen heeft alles te maken met punt 4: de specifieke kwaliteiten die aan een valse nummer 9 worden gesteld.

In het volgende gedeelte van dit artikel zullen we trachten een antwoord te vinden op al deze 4 punten.

 

Onderbezetting aanval: Centreren buitenspelers

Doordat de spits weg is van zijn positie, heb je plotseling maar 2 aanvallers in de voorste linie. Dekt de tegenpartij niet door, dan kun je bijvoorbeeld in een -2 ondertal uitkomen: 2 aanvallers staan dan tegenover 4 verdedigers. Een oplossing hiervoor kan zijn, is dat de beide buitenspelers een positie kiezen richting het centrum van de aanval. Het liefst tussen de centrale verdediger en back van de tegenpartij in. Op deze manier is veldverdeling beter en heb je zowel dreiging in het centrum als op de flanken.

De buitenspelers bewegen dus in horizontale richting. Dat kan er als volgt uitzien:

valse 9 centreren buitenspelers

Het resultaat in bovenstaande afbeelding is een 4-4-2 met een ruit op het middenveld. Uiteraard kan de uitvoering in de praktijk variëren. Denk aan de middenveld bezetting die je anders kunt invullen.

 

Vacante positie in de spits

Zodra de spits zich laat terugzakken naar het middenveld, heb je te maken met een vacature in de punt van de aanval. Zoals we hierboven zagen, kun je de buitenspelers meer centraal laten spelen. Maar dan heb je nog steeds te maken met een numerieke minderheid in de voorhoede.

Een oplossing daarvoor is simpel. De spits die zich heeft laten uitzakken, bijvoorbeeld voor een kaats, keert gewoon weer terug in de spits. Onderstaande video laat zien hoe Karim Benzema dat invult in de wedstrijd tussen Real Madrid en Atletico Madrid.

 

In de bovenstaande video zien we dat Modric op eigen helft de dieptepass van Koke onderschept. In de omschakeling loopt Casemiro (nummer 14) met de bal naar de helft van Atletico. In plaats van dat Benzema (nummer 9) direct diep gaat, blijft hij hangen rond de middencirkel om aanspeelbaar te zijn. Hij krijgt de bal en legt deze af naar de rechterflank. Vervolgens sprint hij naar de spitspositie en scoort hij met een volley vanuit de voorzet van Vinicius vanaf rechts.

 

Loopacties als valse nummer 9

Zoals we al eerder zagen, is de verticale ‘uitzakkende’ loopactie van de spits vrij voorspelbaar. Ga je als centrale verdediger met de nummer 9 mee en zit je er op het middenveld kort op, dan kan de spits, in het gunstigste geval, eigenlijk alleen maar kaatsen.

Er zijn diverse manieren om als spits deze loopactie minder voorspelbaar te maken:

  1. Door het maken van een ‘vooractie’. Bijvoorbeeld door eerst dreigen met diep te gaan, en dan vervolgens (explosief) uit te zakken;
  2. Uit de rug van de verdediger richting het middenveld te bewegen;
  3. Schuine loopactie van de spits.

De laatste van deze 3 is de meest interessante optie. Door je in eerste instantie schuin op te stellen van de positie van de bal, is het mogelijk om een schuine/diagonale loopactie te maken. Voordeel hiervan is dat je al grotendeels ingedraaid richting goal van de tegenpartij staat, waardoor je meer mogelijkheden voor het vervolg krijgt.

valse 9 schuine loopactie

 

In de afbeelding hierboven kiest nummer 9 kiest schuin positie ten opzichte van de nummer 10, die in balbezit is. Door de schuine loopactie heeft de nummer 9 nu naast de kaats ‘naar beneden’, ook de mogelijkheid om de nummer 7 diagonaal weg te steken. Een optie die er bij een verticale loopactie niet is.

 

Specifieke spelerskwaliteiten

Wil een spits als een valse nummer 9 uit de voeten kunnen, dan zal deze over een aantal karakteristieken moeten beschikken:

  1. Spelinzicht: Wanneer moet ik wel, en wanneer moet ik niet mezelf laten uitzakken naar het middenveld?
  2. Balvast zijn: Een valse nummer 9 is vaak een extra aanspeelpunt op het middenveld. Een spits die de bal goed kan afschermen (met zijn lichaam) en niet direct een beslissende actie wil maken is hiervoor meer geschikt dan een spits die altijd maar een actie met de bal wil maken. Balbezit houden op het middenveld is namelijk belangrijk in deze speelwijze;
  3. Goede timing: Dit hebben we ook al bij kwaliteit nummer 1 benoemd. Maar met timing bedoelen we hier vooral, wanneer is het juiste moment om, nadat de spits is uitgezakt, weer opnieuw in de spits te verschijnen. Dat heeft alles met de juiste timing te maken. Zoals we zagen in het filmpje over Benzema hierboven;
  4. Voetballende spits: Spitsen die erg doelgericht zijn, hebben vaak moeite met het spelen als een ‘valse nummer 9’. Zij hebben het geduld vaak niet en willen maar één ding: scoren. Een ‘valse nummer 9’ vindt het juist prettig om betrokken te zijn in de opbouw en de combinaties. Deze houdt dus echt van meevoetballen!

 

Mocht je na het lezen van dit artikel meer willen weten over de kwaliteiten van een spits in het algemeen, lees dan ons artikel Tips voor spitsen en aanvallers eens.

 

Plaats een reactie